
Een woonboot kostte in 2025 gemiddeld 466.000 euro, bijna 30.000 euro minder dan een reguliere woning. Per vierkante meter ligt de prijs juist ruim 1.000 euro hoger, blijkt uit onderzoek van NVM-datadochter Brainbay.
In totaal verkochten makelaars vorig jaar 235 woonboten. Daarmee was ongeveer één op de 1.000 verkochte woningen een woonboot. Dat aandeel is volgens Brainbay de afgelopen vijf jaar redelijk stabiel gebleven.
Amsterdam was in 2025 opnieuw de belangrijkste markt voor woonboten. Bijna een kwart van alle verkopen vond daar plaats. Over de periode 2021 tot en met 2025 telde Amsterdam 326 transacties, gevolgd door Groningen met 75 en De Ronde Venen met 47.
Hogere prijs per vierkante meter
De gemiddelde verkoopprijs van een reguliere woning bedroeg in 2025 494.000 euro, tegenover 466.000 euro voor een woonboot. Woonboten zijn gemiddeld wel kleiner. De gemiddelde oppervlakte bedroeg 94 vierkante meter, tegen 118 vierkante meter voor reguliere woningen.
Daardoor ligt de prijs per vierkante meter bij woonboten juist hoger. Reguliere woningen brachten gemiddeld bijna 4.700 euro per vierkante meter op, terwijl dat bij woonboten ongeveer 5.700 euro was.
Brainbay ziet dat de prijsontwikkeling van woonboten over langere tijd grofweg gelijk opgaat met die van reguliere woningen. Sinds 2023 zijn woonboten gemiddeld wel goedkoper dan reguliere woningen.
Verkoop duurt langer
De verkoop van een woonboot duurt gemiddeld langer. In 2025 stond een woonboot ongeveer twee maanden te koop, tegen één maand bij een reguliere woning.
Ook wordt minder vaak boven de vraagprijs verkocht. Bij 60% van de woonboten lag de uiteindelijke verkoopprijs boven de vraagprijs. In de reguliere woningmarkt was dat volgens Brainbay ruim 70%.
Eind 2025 stonden in Nederland ruim 130 woonboten te koop. Afgezet tegen 235 verkopen komt de krapte-indicator uit op 6,7.
Vooral doorstromers
Woonboten trekken volgens Brainbay een specifieke groep kopers. In ruim 20% van de transacties in 2025 ging het om een starter. Het merendeel van de kopers was doorstromer.
Dat hangt volgens de analyse onder meer samen met de financiering. Een woonboot kan vaak niet volledig met een hypotheek worden gefinancierd, waardoor eigen geld of overwaarde uit een eerdere woning nodig kan zijn. Ook spelen kosten voor onderhoud, liggeld of erfpacht een rol.
Verder zijn woonboten gemiddeld minder duurzaam dan reguliere woningen. De grootste groep verkochte woonboten viel in energielabel G, terwijl bij reguliere woningen energielabel A het vaakst voorkwam.
Elke werkdag het belangrijkste financiële nieuws in uw mailbox? Meld u gratis aan voor InFinance Daily.







