
Bestaande koopwoningen waren in het tweede kwartaal gemiddeld 4,2% duurder dan een jaar eerder. Wel vlakt de landelijke prijsstijging in de laatste kwartalen af.
In de meeste gemeenten stegen de prijzen met 3% tot 9%, waarbij de groei in het oosten en noorden doorgaans hoger lag dan in het westen. Dat blijkt uit cijfers van het CBS en het Kadaster.
Oost Gelre kende voor het tweede kwartaal op rij de grootste prijsstijging van Nederland. Bestaande koopwoningen waren daar 20,9% duurder dan een jaar eerder. Voorst volgde met 19,4% en in Pekela stegen de prijzen met 16,2%.
Ondanks de landelijke stijging waren er ook gemeenten waar woningen goedkoper werden. In zes gemeenten lagen de prijzen lager dan een jaar eerder, tegenover één gemeente in het eerste kwartaal.
Grootste daling in Noord-Beveland
De sterkste prijsdaling deed zich voor in Noord-Beveland, waar bestaande koopwoningen 5,1% goedkoper waren dan een jaar eerder. Daarna volgden Ouder-Amstel (-2,8%) en Hillegom (-2,5%). Ook in Valkenswaard, Veldhoven en IJsselstein daalden de prijzen.
De landelijke prijsstijging vlakt volgens het CBS inmiddels af. Na de prijspiek halverwege 2022 daalden de huizenprijzen tot medio 2023, waarna een nieuwe periode van stijging begon. Daardoor hebben de woningprijzen in veel gemeenten inmiddels nieuwe recordniveaus bereikt.
Elke werkdag het belangrijkste financiële nieuws in uw mailbox? Meld u gratis aan voor InFinance Daily.







