
Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wil het evenwicht op de hybride WGA-markt weer in balans brengen door de wijze van premiestelling na terugkeer naar het UWV en de financieringswijze van staartlasten die ontstaan als een werkgever eigenrisicodrager wordt aan te passen.
De beoogde inwerkingtredingsdatum van deze aanpassing van wet- en regelgeving is 1 januari 2017. Dat schrijft de minister in de brief ‘Verbetering hybride markt WGA’ aan de Tweede Kamer. Het evenwicht op de hybride markt is volgens Asscher onder druk komen te staan als gevolg van het groter wordende verschil tussen publieke en private premies en door de verschillen in financieringssysteem.
Werkgever kiest voor korte termijn voordeel
Asscher: “Werkgevers lijken zich bij de keuze voor verzekering voor het WGA-risico met name te baseren op het kortere termijn voordeel dat bij het UWV behaald kan worden. De wijze waarop schadelastbeheersing is vormgegeven weegt niet of bijna niet mee in de keuze. Het feit dat werkgevers bij de overstap van het UWV naar private verzekeraars eventuele staartlasten zelf moeten financieren kan een drempel opwerpen voor een overstap naar de private markt. Ik vind dit een ongewenste ontwikkeling.”
Voorgestelde aanpassingen
De wijzigingen worden zodanig vormgegeven dat er voor werkgevers die nu bij UWV verzekerd zijn, geen premiegevolgen zullen zijn:
1. De premie voor (middel)grote werkgevers die na een periode eigenrisicodragen terugkeren naar het UWV wordt gebaseerd op alle historische WGA-lasten. Dat wil zeggen de WGA-lasten die zijn ontstaan tijdens publieke verzekering bij het UWV én tijdens eigenrisicodragerschap. De publieke premie wordt volgens Asscher zo beter vergelijkbaar met de premiestelling bij private verzekeraars.
2. De financieringswijze van de zogenoemde staartlasten van (middel)grote werkgevers die na een periode van publieke verzekering voor het WGA-risico kiezen voor eigenrisicodragerschap WGA worden aangepast. De afbakening van het eigenrisico wordt zo vorm gegeven dat hier geen staartlasten van werkgevers (ongeacht hun grootte) meer onder vallen. De staartlasten zijn de WGA-lasten van werknemers die op het moment van overstap een WGA-uitkering ontvangen of ziek zijn en op termijn een WGA-uitkering ontvangen.
Eerbiedigende werking
Met de Kamerbrief wordt aangekondigd dat na 1 juli 2015 een overgangsperiode ingaat. De nieuwe wijze van premiestelling en afbakening van het eigenrisicodragerschap (zonder staartlasten) zal met ingang van 1 januari 2017 gelden voor alle werkgevers die na 1 juli 2015 terugkeren naar de publieke verzekering, respectievelijk eigenrisicodrager worden. De premieberekening van werkgevers die reeds op 1 juli of eerder publiek bij UWV verzekerd waren, verandert niet.
BEZAVA
In de Wet beperking ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid vangnetters (Wet BEZAVA) is eerder geregeld dat werkgevers de mogelijkheid krijgen om voor de totale WGA-lasten (vast en flex samen) eigenrisicodrager te worden. Dit deel van de Wet BEZAVA zal gelijktijdig met de nieuwe voorstellen op 1 januari 2017 in werking treden.
Lees hier de gehele brief van minister Asscher aan de Tweede Kamer
Elke werkdag het belangrijkste financiële nieuws in uw mailbox? Meld u gratis aan voor InFinance Daily.







