
Het autobezit onder jongeren is lager dan tien jaar geleden. Begin 2006 hadden duizend jongeren volgens CBS gemiddeld 308 auto’s in bezit, begin 2016 zijn dat 284 auto’s. Onder 65-plussers is dit getal juist gestegen van 408 auto’s eind 2005, naar 521 auto’s per duizend 65-plussers eind 2015.
Zowel het aantal jongeren als ouderen is in deze periode toegenomen. Het aantal jongeren van 18 tot 30 jaar is de afgelopen tien jaar toegenomen met 8%, het aantal 65-plussers met 32%. Onder de laatste groep nam de automobiliteit navenant toe. Het CBS noemt een aantal factoren die hierbij een rol spelen. “De ouderen van nu hebben vaker een rijbewijs dan vroeger, met name vrouwen. Ze zijn welvarender, mobieler, worden ouder en wonen langer zelfstandig.” Er wordt geen verklaring gegeven voor de constatering dat jongeren minder vaak een auto bezitten.
Aantal kilometers op de weg
Nederlanders maken steeds meer autokilometers. Particulieren reden 91 miljard kilometer met hun personenauto in 2015, wat 6% meer is dan in 2005. De afstand die werd afgelegd met auto’s van 65-plussers steeg in deze periode het sterkst, met 68% tot 14,2 miljard kilometer. Onder jongeren van 18 tot 30 jaar neemt het aantal autokilometers juist af, in tien jaar tijd met 4% tot 10,6 miljard kilometer in 2015. De getallen zeggen overigens niets over de werkelijke bestuurder van de auto.
Autobezit
Het aantal 65-plussers nam tussen eind 2005 en eind 2015 toe met 32 procent. Hun automobiliteit neemt navenant toe. Zij hebben vaker een auto dan tien jaar geleden. Het autobezit steeg van 408 auto’s per duizend 65-plussers eind 2005 naar 521 auto’s per duizend eind 2015.
33% van de 65-plussers met een auto is de eerste eigenaar. Van de gemiddelde autobezitter is 18% de eerste eigenaar. Autobezitters hadden begin 2016 hun auto gemiddeld 4 jaar in bezit, ouderen bijna 6 jaar.
Elke werkdag het belangrijkste financiële nieuws in uw mailbox? Meld u gratis aan voor InFinance Daily.







