
Meer dan de helft van de werkenden en gepensioneerden is per 1 januari 2026 overgestapt naar het vernieuwde pensioenstelsel. Ruim 1 miljoen gepensioneerden ontvingen eind februari een hogere uitkering. De stijging bedraagt voorlopig gemiddeld circa 14% en verschilt per fonds en leeftijd.
Dat maakten de Pensioenfederatie en een aantal van de 24 pensioenfondsen die dit jaar zijn ingevaren vandaag bekend tijdens een bijeenkomst in Amsterdam.
Ger Jaarsma, voorzitter van de Pensioenfederatie, licht toe: “De hogere uitkeringen laten zien hoe het vernieuwde pensioenstelsel leidt tot een beter pensioen voor deelnemers. Voor gepensioneerden en voor mensen die nog pensioen opbouwen pakt dat positief uit.”
De Pensioenfederatie en de betrokken fondsen wijzen erop dat een hogere pensioenuitkering gevolgen kan hebben voor inkomensafhankelijke toeslagen. Gepensioneerden wordt geadviseerd dit te controleren bij de Belastingdienst.
Meer maatwerk in beleggingsbeleid
In het vernieuwde stelsel kunnen pensioenfondsen het beleggingsrisico beter afstemmen op verschillende leeftijdsgroepen. Voor ouderen wordt voorzichtiger belegd om het opgebouwde vermogen te beschermen. Voor jongere deelnemers kan meer risico worden genomen, wat naar verwachting op lange termijn tot hogere rendementen kan leiden.
Daarnaast hoeven fondsen in het nieuwe stelsel minder grote buffers aan te houden dan in het oude systeem. Een deel van de vrijgevallen buffers kan worden verdeeld onder deelnemers. Buffers blijven wel nodig om schommelingen op financiële markten op te vangen. Verlagingen van uitkeringen zijn in het nieuwe stelsel niet volledig uitgesloten.
Deelnemers die nog niet met pensioen zijn en aangesloten zijn bij fondsen die dit jaar zijn overgestapt, krijgen binnenkort individueel inzicht in hun persoonlijke pensioenvermogen.
Elke werkdag het belangrijkste financiële nieuws in uw mailbox? Meld u gratis aan voor InFinance Daily.







